Het recht op het vrije woord deugt nog steeds

Op de website van NRC Handelsblad staat een opiniepeilinkje: ’Begrijpt u nog iets van het recht op vrijheid van meningsuiting?’ Er is niet veel verbeeldingskracht nodig om de uitslag van deze enquête te voorspellen. Toch ben ik nog benieuwd hoeveel lezers uiteindelijk ’ja’ als antwoord geven.

Een saai recht is de vrije meningsuiting allang niet meer. Een paar jaar geleden nog zou een arrest van de Hoge Raad over vrijheid van meningsuiting vooral voer voor specialisten zijn geweest. En een billboard met een atheïstische slogan langs een snelweg: áls het al ooit geplaatst zou zijn, zou een ieder er schouderophalend aan voorbij zijn gereden. Nu zijn beide landelijk nieuws en voeden ze de toch al levendige discussie.

Maar vanwaar de verwarring over de vrije meningsuiting? Daarvoor zijn naar mijn mening een paar redenen.

Lees verder

Begripsverwarring in hoofddoekjesdebat

Scheiding van kerk en staat of de ‘neutraliteit van de overheid’ zijn heel verschillende kwesties.

Religieuze symbolen raken een gevoelige snaar. Zeker wanneer daarbij de overheid in beeld komt. Dat bleek opnieuw toen VVD-Kamerlid Hennis schijnbaar tussen neus en lippen door een hoofddoekjesverbod bepleitte voor ambtenaren. Zij bracht dat prompt in verband met de scheiding van kerk en staat en suggereerde dat vrijheid van godsdienst overbodig was. Anderen, onder wie de publicist August Hans den Boef, deden er nog een schepje bovenop. Den Boef pleitte zelfs voor het afschaffen van ‘privileges’ van gelovigen.

Lees verder

Betekenis van godsdienstvrijheid dankzij traditie

Begin 2012 erkende  Zweden  het zoheten ‘Kopimisme’ officieel als een religie. ‘Kopimi’ is een fonetische weergave van het Engelse ‘copy me’. Informatie is volgens de Kopimisten heilig en kopiëren een sacrament. De computertekens Control+C en Control+V (die staan voor ‘copy’ en ‘paste’) zijn voor hen heilige symbolen.[1] Het trefwoord geeft inmiddels enorme aantallen hits op internet. Voor registratie werden slechts enkele uiterlijke formaliteiten in beschouwing genomen.[2] De inhoud van de overtuiging werd niet beoordeeld.

Lees verder

Gelijke behandeling religies is niet per definitie identieke behandeling

Religieuze stromingen verschillen in veel, voor de overheid relevante, opzichten van elkaar: zowel in de manier waarop zij zich in de samenleving manifesteren als in de geloofsinhoud en de bijbehorende waardepatronen. Gelijke behandeling zonder meer is daarom niet altijd de aangewezen weg. De overheid moet in de omgang met religieuze groeperingen oog te hebben voor de nuance.

 (dit is een verkorte versie van het artikel eerder verschenen artikel Gelijkheid als dilemma in Christen Democratische Verkenningen, Zomer 2011)

Lees verder